Wat doen we in de tweede helft van september in de tuin?
De tweede helft van september vormt een belangrijk keerpunt in de moestuin. De zomerteelten groeien steeds trager, de nachten worden koeler en de luchtvochtigheid neemt toe. Toch kun je nog verschillende groenten zaaien voor de herfst en winter. Het is ook het juiste moment om de laatste zomergroenten te verzorgen, vrijgekomen bedden te bedekken en de bodem voor te bereiden op het volgende seizoen.
De precieze zaaitijd hangt af van de regio en het weer. In Vlaanderen en Nederland kies je eind september het best voor koudebestendige rassen. Voor de meest late zaaiingen bieden een kas, koude bak, folietunnel of vliesdoek extra bescherming.
Welke groenten kun je eind september nog zaaien?
Hoewel het groeiseizoen stilaan afloopt, kun je nog verschillende snelgroeiende of winterharde groenten zaaien. Bekijk ook ons volledige aanbod groentezaden voor het naseizoen.
Zaaien in de volle grond
Eind september kun je in de volle grond nog zaaien:
- Veldsla;
- Radijs;
- Winterspinazie;
- Rucola;
- Kervel;
- Winterpostelein;
- Bepaalde rassen wintersla;
- Winterharde witte uien;
- Knolkervel;
- Engelwortel en doorlevende kervel.
Zaai in een fijn verkruimelde en voldoende vochtige bodem. De kieming verloopt in september trager dan in de zomer. Houd de grond daarom licht vochtig, maar vermijd dat hij langdurig nat blijft.
Een late zaai van Cima di Rapa, Aziatische bladmosterd of radijs is nog mogelijk wanneer de herfst zacht blijft. In koelere delen van Nederland en Vlaanderen zaai je deze gewassen eind september bij voorkeur onder beschutting.
Zaai nu je wintersla
De tweede helft van september is een van de laatste geschikte momenten om wintersla te zaaien. De planten vormen voor de winter nog een kleine bladrozet, gaan tijdens de koudste maanden in rust en beginnen aan het einde van de winter opnieuw te groeien.
Zaai de sla op een zaaibed, rechtstreeks in de volle grond of onder beschutting. Verplant de zaailingen zodra ze vier tot vijf echte blaadjes hebben. Afhankelijk van de temperatuur is dat meestal drie tot vijf weken na het zaaien.
Geschikte rassen zijn onder andere:
- Winter de Grand-Mère;
- Baquieu;
- Des Verrières;
- Passion Brune;
- Herkule;
- Saint-Antoine;
- De Trémont;
- Rougette de Montpellier.
Plant wintersla in een goed doorlatende bodem en laat voldoende ruimte tussen de planten. Zo kan het blad na regen sneller opdrogen. Op zware of natte grond kun je de planten beter op een licht verhoogd bed of onder beschutting telen.
Zaaien onder glas of folie
Met een onverwarmde kas, koude bak of kleine folietunnel kun je het zaaiseizoen aanzienlijk verlengen. Onder beschutting kun je eind september nog zaaien:
- Spinazie;
- Veldsla;
- Kervel;
- Winterpostelein;
- Radijs;
- Rucola;
- Aziatische bladmosterd;
- Witte uien;
- Wintersla;
- Bepaalde voorjaarskolen.
Verlucht de kas of tunnel op zachte en zonnige dagen. Een voortdurend afgesloten en vochtige omgeving bevordert schimmelziekten en het wegvallen van jonge zaailingen.
Heb je geen kas? Zaai dan in de volle grond en plaats een kleine tunnel of vliesdoek over het bed zodra de eerste nachtvorst wordt voorspeld. Sluit de tunnel niet permanent zolang het overdag nog zacht is.
Zaai een groenbemester op vrijgekomen bedden
Laat de bodem tijdens de winter bij voorkeur niet kaal liggen. Slagregen kan de bovenste grondlaag dichtslaan, terwijl voedingsstoffen naar diepere bodemlagen kunnen uitspoelen. Een groenbemester beschermt de bodem en neemt de plaats in die anders snel door onkruid wordt ingenomen.
Na half september kies je bij voorkeur winterharde groenbemesters:
- Winterrogge;
- Winterwikke;
- Veldboon;
- Een wintermengsel van granen en vlinderbloemigen.
Witte mosterd en snelgroeiende mengsels kunnen nog worden gezaaid als het najaar zacht blijft. Houd er wel rekening mee dat ze bij een late zaai minder bladmassa vormen dan wanneer je ze in augustus of begin september zaait. Witte mosterd vriest tijdens een koude winter meestal af.
Verwijder voor het zaaien het aanwezige onkruid en maak de bovenste bodemlaag lichtjes los. Zaai breedwerpig, hark de zaden oppervlakkig in en druk de bodem aan. Bij droog weer geef je voorzichtig water.
Lees meer over het succesvol zaaien van biologische groenbemesters en ontdek ons assortiment biologische groenbemesters.
Houd ook bij groenbemesters rekening met de vruchtwisseling. Zaai bijvoorbeeld liever geen mosterd na koolgewassen of vóór een bed waarop volgend seizoen opnieuw kolen, radijzen of rapen komen.
Blijf het onkruid onder controle houden
Door de terugkerende regen kiemt in september vaak opnieuw veel onkruid. Tijdig wieden voorkomt dat deze planten concurreren met jonge veldsla, spinazie, wintersla en andere najaarsteelten.
Verwijder onkruid wanneer het nog klein is. Een oppervlakkige passage met een schoffel is dan meestal voldoende. Pak ook meerjarige wortelonkruiden zoals ridderzuring, kweekgras en akkerdistel aan. Probeer daarbij zoveel mogelijk van de wortels te verwijderen.
Schoffel niet te diep in de buurt van recente zaaiingen. De jonge wortels van deze groenten bevinden zich nog vlak onder het bodemoppervlak en raken gemakkelijk beschadigd.
Help de laatste tomaten rijpen
Tomaten kunnen tijdens zonnige septemberdagen nog verder rijpen. Door de koelere nachten en toenemende vochtigheid stijgt buiten echter het risico op aardappelziekte, ook bekend als phytophthora.
Verwijder vergeelde en aangetaste bladeren, evenals bladeren die de grond raken. Je kunt ook enkele bladeren wegnemen die het licht rond de vruchten sterk beperken. Verwijder echter niet te veel gezond blad: de plant heeft dit nog nodig voor de fotosynthese en voor de verdere rijping van de tomaten.
Nieuwe bloemen en zeer kleine vruchtjes zullen buiten meestal niet meer rijpen. Verwijder ze zodat de plant haar energie kan richten op de tomaten die al voldoende ontwikkeld zijn.
Plantengieren genezen geen aantasting van phytophthora. Een goede preventie bestaat vooral uit:
- Voldoende afstand en luchtcirculatie tussen de planten;
- Water geven aan de voet van de planten;
- Het blad zo droog mogelijk houden;
- Tomaten indien mogelijk beschermen tegen langdurige regen;
- Aangetaste bladeren en vruchten onmiddellijk verwijderen.
Lees meer over het herkennen en voorkomen van ziekten en plagen bij tomaten.
Wordt een koude en natte periode voorspeld? Oogst dan ook de tomaten die bijna rijp zijn. Laat ze binnen verder kleuren op een droge, luchtige plaats bij kamertemperatuur.
Controleer prei op preimineervlieg en preimot
Schade aan prei kan worden veroorzaakt door verschillende insecten, waaronder de preimineervlieg en de preimot. Het is belangrijk om beide plagen van elkaar te onderscheiden, omdat hun levenscyclus en bestrijding verschillen.
De preimineervlieg kent doorgaans een belangrijke vlucht in het najaar. De larven maken gangen in de bladeren en zakken vervolgens af naar de schacht van de prei.
Een fijnmazig insectengaas is de betrouwbaarste bescherming. Breng het tijdig aan en sluit het langs alle zijden goed af. Het gaas mag geen openingen vertonen aan de bodemrand.
Feromoonvallen worden vooral gebruikt om de vlucht van de preimot op te volgen. Ze kunnen aantonen wanneer de mot actief is, maar vervangen niet noodzakelijk de bescherming met insectengaas.
Lees hoe je de preimineervlieg herkent en je prei beschermt.
Bescherm jonge zaailingen tegen slakken
Vochtig weer en nog relatief zachte temperaturen zijn ideaal voor slakken. Vooral jonge zaailingen van sla, spinazie en veldsla kunnen in korte tijd volledig worden opgegeten.
Controleer de bedden ’s avonds of vroeg in de ochtend en verzamel de slakken die je aantreft. Verwijder vlak bij kwetsbare zaailingen ook tijdelijke schuilplaatsen zoals achtergelaten planken, omgekeerde potten en dikke lagen rottend plantenmateriaal.
Slakken leggen in het najaar nog eieren. Door de populatie nu onder controle te houden, beperk je dus niet alleen de onmiddellijke schade, maar ook de druk in het volgende voorjaar.
Ontdek meer natuurlijke methoden om slakken in de tuin en moestuin te beheersen.
Bescherm wortelgroenten tegen woelmuizen
Wortels, bieten, pastinaken, knolselderij en andere groenten die in de winter in de grond blijven, kunnen worden aangevreten door woelmuizen.
Let op verse gangen, kleine hopen losse aarde en planten die plots verwelken of gemakkelijk uit de grond kunnen worden getrokken. Bij ernstige schade kun je aangepaste mechanische vallen rechtstreeks in een actieve gang plaatsen. Controleer deze vallen regelmatig.
Gebruik de term woelmuis en niet automatisch veldmuis of gewone muis: vooral woelmuizen zijn verantwoordelijk voor de typische schade aan ondergrondse wortels en knollen.
Oogst groenten voor bewaring
In de tweede helft van september valt er nog volop te oogsten. Denk onder meer aan:
- Tomaten, courgettes, bonen en paprika’s die nog produceren;
- Aardappelen waarvan het loof volledig is afgestorven;
- Goed afgerijpte uien en sjalotten;
- Pompoenen waarvan de steel hard en kurkachtig wordt;
- Zaden van zaadvaste rassen die je zelf wilt vermeerderen.
Laat aardappelen, uien, sjalotten en pompoenen voldoende drogen voordat je ze bewaart. Controleer de oogst zorgvuldig en bewaar alleen gezonde, onbeschadigde exemplaren. Een kleine beschadiging kan tijdens de bewaring snel tot rot leiden.
Pompoenen zijn voldoende rijp wanneer de schil hard is en niet gemakkelijk meer met een vingernagel kan worden ingedrukt. Laat altijd een stukje van de steel aan de vrucht zitten.
Verzorg je composthoop
Bij het opruimen en oogsten van de moestuin komt veel organisch materiaal vrij. Voeg dit geleidelijk aan de composthoop toe en wissel vers, vochtig materiaal af met droger en koolstofrijk materiaal, zoals herfstbladeren, fijn stro of onbedrukt bruin karton.
Is de compost samengezakt of ruikt hij onaangenaam? Zet hem dan om om opnieuw zuurstof in de hoop te brengen. Is het materiaal te droog, bevochtig het dan lichtjes. Goede compost voelt ongeveer aan als een uitgewrongen spons: vochtig, maar zonder dat er water uitloopt wanneer je erin knijpt.
Een composthoop die al volledig verteerd en rijp is, hoef je niet opnieuw om te zetten. Je kunt ook een beperkte hoeveelheid smeerwortelblad toevoegen. Meng de bladeren goed met ander materiaal zodat ze geen compacte, natte laag vormen.
Samengevat: de belangrijkste taken voor eind september
Concentreer je in de tweede helft van september op vijf belangrijke werkzaamheden:
- Zaai koudebestendige groenten voor de herfst en winter;
- Plant of verplant wintersla en bescherm late zaaiingen;
- Bedek vrijgekomen bedden met een geschikte groenbemester;
- Controleer tomaten, prei en jonge zaailingen regelmatig op ziekten en plagen;
- Oogst rijpe groenten en maak ze klaar voor bewaring.
Met deze werkzaamheden verleng je het oogstseizoen, bescherm je de winterteelten en zorg je ervoor dat de bodem levend en bedekt de winter ingaat.
Accessoires